MKB-investeringen in vaste activa in 2022 toegenomen

De investeringen in materiële vaste activa door het midden- en kleinbedrijf  van het niet-financiële bedrijfsleven nam in 2022 met 7 procent toe naar 38,6 miljard euro. Het middenbedrijf (50 tot 250 werkzame personen) heeft in 2022 voor 19 miljard euro in materiële vaste activa geïnvesteerd. Dit is ongeveer even veel als in 2021. Het kleinbedrijf (tot 50 werkzame personen) investeerde in 2022 meer dan in 2021. De toename bedroeg 15 procent.

  • In 2022 was het mkb goed voor 52 procent van de totale investeringen in materiële activa. In 2021 was dit aandeel 56 procent.
  • In vergelijking met 2021 investeerde het mkb in 2022 vooral meer in grond en terreinen en in vervoermiddelen.
  • Alleen de mkb-investeringen in computers en randapparatuur en in grond-,water- en wegenbouwkundige werken was in 2022 lager dan een jaar eerder. De investeringen in bedrijfsgebouwen maakten het grootste deel (31 procent) uit van de totale mkb-investeringen.
  • Het klein- en middenbedrijf waren elk goed voor de helft van de investeringen door het mkb.
  • Het middenbedrijf investeerde ten opzichte van het kleinbedrijf in 2022 naar verhouding meer in machines en installaties. Het kleinbedrijf investeerde naar verhouding meer in grond- en terreinen en in vervoermiddelen.

Bekijk de cijfers over investeringen op MKB StatLine

Update cijfers omzetstijgers en -dalers

Op MKB-Statline zijn nieuwe cijfers over het aantal bedrijven met een stijgende en dalende omzet gepubliceerd. Deze zijn nu up-to-date tot en met het eerste kwartaal van 2024. De cijfers geven aan bij welk percentage van de ondernemers de omzet is gestegen, dan wel gedaald ten opzichte van hetzelfde kwartaal in het voorgaande jaar. Er kan worden ingezoomd op verschillende grootteklassen en branches binnen het MKB.

  • 47 procent van de bedrijven zag de omzet stijgen in het eerste kwartaal van 2024 ten opzichte van hetzelfde kwartaal een jaar eerder. In de horeca lag dat percentage het hoogst met 66 procent. 23 procent van de bedrijven in de horeca was een snelle stijger. Een snelle stijger of daler is een bedrijf met meer dan 20 procent omzetgroei of -krimp.
  • In de bouwnijverheid en in de energievoorziening zag 59 procent van de bedrijven de omzet dalen. 47 procent van de bedrijven in energievoorziening was een snelle daler. In de bouw gold dit voor 15 procent van de bedrijven.
  • Het percentage bedrijven met een snelle omzetstijging was bij het merendeel van de bedrijfstakken en grootteklassen hoger dan het percentage bedrijven dat de omzet snel zag dalen. Grootteklassen waar het percentage snelle omzetdalers groter was dan de snelle omzetstijgers waren vooral te vinden in de delfstoffenwinning, industrie en energievoorziening.

Bekijk de nieuwste cijfers op MKB-StatLine

Faillissementen gestegen in het eerste kwartaal 2024

In het eerste kwartaal van 2024 werden 857 mkb-bedrijven failliet verklaard binnen het niet-financiële bedrijfsleven. Daarmee is het aantal faillissementen gestegen met ruim 44 procent ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar toen er 594 mkb-bedrijven failliet werden verklaard. Dit meldt het CBS op de Staat van het mkb en op MKB-Statline.

  • De meeste faillissementen vonden plaats bij bedrijven met 1 werkzame persoon, gevolgd door bedrijven met 2 tot 10 werkzame personen.
  • Bij bedrijven met 1 werkzame persoon nam het aantal faillissementen in absolute zin het meeste toe ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar.
  • Bij bedrijven met 50 tot 250 werkzame personen nam het aantal faillissementen af ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar, van 10 naar 3.
  • 30 procent van de faillissementen in het eerste kwartaal van 2024 betrof een bedrijf van 10 jaar of ouder. Daar was de toename van het aantal faillissementen ten opzichte van hetzelfde kwartaal een jaar eerder ook het hoogst. Ruim 29 procent van de faillissementen in het eerste kwartaal van 2024 betrof een bedrijf van 5 tot 10 jaar oud.
  • Van alle bedrijfstakken had de handel het grootste aantal faillissementen, namelijk 200. De handel behoort tot de bedrijfstakken met de meeste bedrijven.

De cijfers in dit bericht zijn voorlopig en kunnen worden bijgesteld.

Bekijk de cijfers op MKB-StatLine

Update cijfers omzetstijgers en -dalers

Op MKB-Statline zijn nieuwe cijfers over het aantal bedrijven met een stijgende en dalende omzet gepubliceerd. Deze zijn nu up-to-date tot en met het vierde kwartaal van 2023. De cijfers geven aan bij welk percentage van de ondernemers de omzet is gestegen, dan wel gedaald ten opzichte van hetzelfde kwartaal in het voorgaande jaar. Er kan worden ingezoomd op verschillende grootteklassen en branches binnen het MKB.

  • Een meerderheid van de bedrijven zag de omzet stijgen in het vierde kwartaal van 2023 ten opzichte van hetzelfde kwartaal een jaar eerder. In de horeca lag dat percentage het hoogst met 60 procent. 25 procent van de bedrijven in de horeca was een snelle stijger. Een snelle stijger of daler is een bedrijf met meer dan 20 procent omzetgroei of -krimp.
  • Het percentage bedrijven met een snelle omzetstijging was bij het merendeel van de bedrijfstakken en grootteklassen hoger dan het percentage bedrijven dat de omzet snel zag dalen. Het percentage bedrijven met een snelle stijging was hoog in de delfstoffenwinning, energievoorziening, bouwnijverheid en informatie en communicatie.

Bekijk de nieuwste cijfers op MKB StatLine

2,3 miljoen bedrijven in Nederland

Nederland telde begin 2024 ruim 2,3 miljoen bedrijven. Dit meldt het CBS op basis van nieuwe cijfers.

  • Aan het begin van 2024 waren er ruim 2,3 miljoen bedrijven.
  • Er zijn 146 duizend bedrijven meer dan een jaar eerder. Het gaat vooral om bedrijven met 1 werkzame persoon.
  • De grootste bedrijfstak is de specialistische zakelijke dienstverlening, met bijna 471 duizend bedrijven, gevolgd door de handel (292 duizend), de bouwnijverheid (267 duizend), en de gezondheids- en welzijnszorg (237 duizend.
  • Het aantal bedrijven in Nederland groeit al vele jaren. In 2021 kwam het aantal bedrijven voor het eerst boven de 2 miljoen uit.

 

Bekijk de cijfers op MKB-StatLine

De ondernemers van 2022

Op MKB-Statline zijn nieuwe cijfers gepubliceerd over de  persoonskenmerken van ondernemers, waaronder ook cijfers over startende en stoppende ondernemers.

  • In 2022 waren ruim 2,33 miljoen ondernemers actief in het midden- en kleinbedrijf. In 2012 waren dit er bijna 1,69 miljoen.
  • Het percentage vrouwelijke ondernemers is tussen 2012 en 2022 toegenomen. In 2022 was 36 procent van de ondernemers vrouw. Tien jaar eerder was dit 33 procent.
  • Vrouwelijke ondernemers bezitten relatief vaker een klein bedrijf dan een groot bedrijf
  • Het percentage ondernemers jonger dan 30 jaar is in tien jaar tijd toegenomen van 9 procent in 2012 naar 14 procent in 2022.
  • Grotere bedrijven zijn relatief vaker van oudere ondernemers dan jongere ondernemers.
  • In vergelijking met 2012 zijn er in 2022 relatief meer jongere startende ondernemers.

Bekijk de tabel over ondernemerskenmerken

Nieuwe cijfers over ICT gebruik bij bedrijven

Op MKB-Statline zijn nieuwe cijfers over het ICT gebruik bij bedrijven gepubliceerd.

  • Binnen het midden- en kleinbedrijf (mkb, exclusief zzp) komt telewerken bij 59 procent van de bedrijven voor.
  • In het middenbedrijf komt telewerken meer voor dan in het kleinbedrijf.
  • 40 procent van het mkb gebruikt betaalde clouddiensten, bijvoorbeeld voor e-mail, bestandopslag, boekhouding- of officesoftware.
  • 7 procent van het midden- en kleinbedrijf (mkb, exclusief zzp) gebruikte in 2022 een vorm van artifical intelligence (AI),
  • 4 procent van het mkb heeft ooit AI-gebruik overwogen, maar niet toegepast,
  • Het aantal bedrijven dat in 2022 te maken kreeg met een ICT veiligheidsincident was relatief hoger in het grootbedrijf dan het mkb (exclusief zzp).
  • 12 procent van het mkb kreeg te maken met een incident door interne oorzaak en 5 procent door een aanval van buitenaf. Voor het grootbedrijf waren deze percentages respectievelijk 44 en 8 procent.
  • In het mkb had het middenbedrijf het vaakst last van een ICT veiligheidsincident.

Bekijk de tabellen

Relatief weinig bedrijven hebben problematische schulden

Ruim 5 procent van de bedrijven beoordeelt de schuldenlast als problematisch. Voor bijna 95 procent van de bedrijven is de schuldenlast dragelijk. Het beeld van de schuldenlast van bedrijven in oktober 2023 is daarmee hetzelfde als een half jaar geleden. Dit meldt het CBS voor het Jaarbericht Staat van het mkb 2023. De gegevens over bedrijven met 5 of meer werkzame personen zijn begin oktober verzameld door het CBS in samenwerking met KVK, het Economisch Instituut voor de Bouw, MKB-Nederland en VNO-NCW.

Het merendeel van de bedrijven (88 procent) beoordeelt hun schuldenlast als lager of ongeveer even hoog als vorig jaar. 12 procent van de bedrijven zag de schuldenlast toenemen, maar in de meeste gevallen was dit dragelijk voor het bedrijf.

In het kleinbedrijf (bedrijven tot 50 werkzame personen) is het percentage bedrijven met problematische schulden bijna 8 procent. Dit is groter dan in het grootbedrijf (250 of meer werkzame personen) waar dit bijna 3 procent is.

Schuldenlast voor 54 procent van de bedrijven van gewenste omvang

Meer dan de helft (54 procent) van de bedrijven geeft aan dat de schuldenlast van een gewenste omvang is en niet zal worden verminderd. 6 procent van de bedrijven zegt de schuldenlast binnen een jaar naar een gewenste omvang te kunnen verminderen. 21 procent heeft daar maximaal 1 tot 5 jaar voor nodig en bijna 3 procent heeft meer dan 5 jaar nodig. 14 procent van de bedrijven geeft aan niet te weten op welke termijn de schuldenlast naar een gewenste omvang verminderd kan worden. Anderhalf procent van de bedrijven geeft aan dat het verminderen van de schuldenlast wenselijk is, maar niet mogelijk. Minder dan een half procent van de bedrijven geeft aan dat het bedrijf wordt beëindigd vanwege de schuldenlast.

Voor het grootbedrijf (61 procent) is de omvang van de schuldenlast vaker van een gewenste omvang die niet zal worden verminderd, dan voor het middenbedrijf (ruim 53 procent) en het kleinbedrijf (48 procent).

Deze resultaten komen uit de Conjunctuurenquête Nederland (COEN). Deze wordt gehouden onder bedrijven met 5 of meer werkzame personen in het niet-financiële bedrijfsleven. Dat zijn alle bedrijven zonder de banken, de verzekeraars en de pensioenfondsen. De Conjunctuurenquête Nederland is een gezamenlijk onderzoek van het CBS, KVK, EIB, MKB-Nederland en VNO-NCW, met steun van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Het doel van de samenwerking is completere informatie over het niet-financiële bedrijfsleven te verzamelen tegen minder administratieve lasten.

Bronnen

COEN Conjunctuurenquête