Daling aantal MKB-vacatures in vierde kwartaal

Aan het eind van het vierde kwartaal 2020 stonden er zo’n 112 duizend vacatures open in het midden- en kleinbedrijf (MKB). Dat was op dat moment iets meer dan de helft van het totaal aantal vacatures in Nederland. Het aantal openstaande vacatures nam met bijna 2 procent af in vergelijking met een kwartaal eerder, toen stonden er ruim 113 duizend vacatures open. Daarmee is het aantal openstaande vacatures ruim 35 procent minder dan aan het eind van het vierde kwartaal 2019, toen stonden er bijna 147 duizend vacatures open in het MKB. Dit meldt het CBS op De Staat van het MKB.

De afname van het aantal vacatures is vooral zichtbaar in het kleinbedrijf (minder dan 50 werkzame personen). Daar nam het aantal openstaande vacatures ten opzichte van het voorgaande kwartaal af met ruim 3 procent naar 72,3 duizend vacatures. Daarentegen steeg het aantal vacatures in het middenbedrijf (50 tot 250 werkzame personen) met ruim 1 procent tot 39,2 duizend. Hiermee kwam het totaal aantal openstaande vacatures in het MKB aan het einde van het vierde kwartaal uit op 111,5 duizend, 2 procent minder dan in het derde kwartaal van 2020 (113,4 duizend). Het MKB sluit 2020 daarmee af met ruim 35 procent minder vacatures dan het jaar ervoor (146,8 duizend).

Aantal openstaande vacatures daalt het meest in de handel

Drie bedrijfstakken lieten een afname zien in het aantal vacatures in het vierde kwartaal van 2020 in vergelijking met het kwartaal ervoor. In de handel nam het aantal MKB-vacatures procentueel het meeste af met 1 procent. In de gezondheids- en welzijnszorg nam het aantal MKB vacatures af met 0,8 procent, in cultuur, recreatie en overige diensten met 0,3 procent.

Toename in aantal openstaande vacatures het grootst in de bouwnijverheid

In de bouwnijverheid nam het aantal vacatures procentueel het sterkst toe, met 1,4 procent naar 11,6 duizend. In de bedrijfstakken zakelijke dienstverlening en industrie nam het aantal MKB vacatures met respectievelijk 0,5 en 0,4 procent toe naar 24 duizend en 11,1 duizend.

Behoefte mkb aan nieuwe externe financiering blijft op hetzelfde niveau

Tussen juli 2019 en juli 2020 had 22 procent van alle mkb-bedrijven behoefte aan nieuwe externe financiering. Zowel dit aandeel als de slaagkans van een financieringsaanvraag waren vergelijkbaar met een jaar eerder. Het bedrag van de aanvraag was evenwel een stuk lager. Vier op de vijf bedrijven die daadwerkelijk een aanvraag deden, kregen de financiering (deels) toegekend. Bij ruim 17 procent van de bedrijven die in deze periode een financiering kregen toegekend, was deze bedoeld voor overbrugging van een moeilijke periode vanwege het coronavirus. Dat meldt het CBS in de derde editie van de Financieringsmonitor. In dit bericht blijft het gebruik van financiële coronaregelingen van de overheid buiten beschouwing.

Voor dit onderzoek is een enquête gehouden onder bedrijven met 2 tot 250 werkzame personen in de business economy1 over nieuwe externe financiering2 in de periode juli 2019 tot juli 2020. Van deze bedrijven ervoer 57 procent belemmeringen in hun bedrijfsvoering vanwege het coronavirus. In die groep had 29 procent behoefte aan nieuwe externe financiering. Cijfers over de financieringsbehoefte vanaf juli 2020 zijn nog niet beschikbaar.

Van de bedrijven met een financieringsbehoefte verkende 80 procent de mogelijkheden, voor 8 procent van de bedrijven waren de financieringsmogelijkheden al bekend. Van al deze bedrijven deed 59 procent daadwerkelijk een financieringsaanvraag. Daarvan was 79 procent succesvol. Dit betekent dat 23,8 duizend bedrijven het aangevraagde bedrag geheel of ten dele kregen.

Onroerend goed en overbrugging coronavirus belangrijkste financieringsdoelen

Van de bedrijven met een (deels) succesvolle aanvraag wilde één op de vijf onroerend goed financieren. Van de succesvolle financieringsaanvragen in de periode juli 2019­–juli 2020 was 17 procent gericht op het overbruggen van een moeilijke periode vanwege het coronavirus. Met name in de handel, vervoer en horeca was dit een veel voorkomend financieringsdoel. Tegelijkertijd is het coronavirus voor sommige bedrijven juist aanleiding om af te zien van nieuwe externe financiering. Vanwege de onzekerheid rondom het coronavirus lijkt het erop dat bedrijven huiverig zijn om nieuwe verplichtingen aan te gaan of mogelijk denken de financiering niet rond te krijgen. Belemmeringen als gevolg van het coronavirus spelen overigens pas vanaf 2020. Bij 15 procent van de geslaagde aanvragen was bedrijfsuitbreiding het financieringsdoel. Dit speelt vooral bij middenbedrijf en grootbedrijf.

Bedrijven zoeken lager financieringsbedrag

Het doorsnee bedrag aan nieuwe externe financiering dat mkb-bedrijven aanvroegen, was 100 duizend euro, dat is duidelijk lager dan in de periode van juli 2018 tot juli 2019. Dat bedrag was toen 173 duizend euro. Doorsnee wil zeggen dat de helft van de bedrijven een lager bedrag zocht en de andere helft een hoger bedrag. Deze afname wordt veroorzaakt door microbedrijven3. Het bedrag dat zij zochten is gehalveerd.

Gemiddelde slaagkans laagst bij ICT-sector

De slaagkans voor een financieringsaanvraag hangt samen met de omvang en de leeftijd van een bedrijf. Zo was de slaagkans in het microbedrijf 77 procent, en dit loopt op tot 88 procent voor het middenbedrijf. In de ICT-sector had slechts 55 procent van de bedrijven een (deels) succesvolle financieringsaanvraag. Bedrijven in ICT of zakelijke dienstverlening kunnen financiers minder onderpand bieden dan bijvoorbeeld bouw- of onroerend goedbedrijven. Oudere bedrijven hebben meestal een reputatie en middelen opgebouwd, waardoor het verstrekken van financiering minder risicovol is.

De Financieringsmonitor

De Financieringsmonitor wordt bekostigd door het ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Het doel van de monitor is om een overzichtelijk beeld te geven van de Nederlandse markt voor nieuwe externe financiering van bedrijven in het midden- en kleinbedrijf. Daarvoor zijn bedrijven geënquêteerd over hun zoektocht naar financiering en wordt een schets gegeven van recente ontwikkelingen op de Nederlandse externe financieringsmarkt. In deze derde editie van de Financieringsmonitor is ook stilgestaan bij de gevolgen van het coronavirus voor bedrijven, en in het bijzonder voor de externe financiering.

De Financieringsmonitor bestaat uit drie onderdelen. De voornaamste uitkomsten worden beschreven in het onderzoeksrapport. Het dashboard geeft op interactieve wijze meer detailinformatie. Ten slotte worden de analysedata die voortkomen uit de monitor beschikbaar gesteld aan gebruikers van de microdatafaciliteit van het CBS. Deze gebruikers kunnen onder strenge voorwaarden toegang krijgen tot gepseudonimiseerde gegevens op persoons- of bedrijfsniveau. Zo kunnen ook anderen onderzoek doen naar de financierbaarheid van het midden- en kleinbedrijf.

Toelichting

1)      Business economy

De term business economy wordt internationaal het meest gebruikt om het mkb af te bakenen. De business economy telt de overheidssector niet mee. Ook de agrarische sector, financiële dienstverlening, onderwijs, zorg, cultuur, sport en recreatie, belangen- en hobby-verenigingen en overige persoonlijke dienstverlening worden niet tot de business economy gerekend.

Midden- en kleinbedrijf (mkb)

Tot het mkb behoren ondernemingen met minder dan 250 werkzame personen. In de Financieringsmonitor wordt ook een ondergrens gehanteerd van 2 werkzame personen. Binnen het mkb wordt een onderverdeling gemaakt naar drie onderliggende grootteklassen: het microbedrijf (2 tot 10 werkzame personen), kleinbedrijf (10 tot 50 werkzame personen) en middenbedrijf (50 tot 250 werkzame personen).

2)      Financiering

Het gaat hierbij om vreemd vermogen of om eigen vermogen dat buiten het bedrijf, of buiten het eigen geld van de ondernemer, wordt gezocht.

3)      Omdat het microbedrijf ruim vier vijfde van het mkb in de business economy beslaat, zijn de resultaten in de monitor sterk beïnvloed door de uitkomsten voor deze grootteklasse.

Bronnen

Rapport Financieringsmonitor 2020

Dashboard Financieringsmonitor 2020

Relevante links

Nieuwsbericht

Vragen en antwoorden coronacrisis

Microdatafaciliteit CBS 

 

 

Recordaantal opheffingen en oprichtingen in het MKB in 2020

In 2020 zijn er ruim 208 duizend bedrijven opgericht. Hiermee is het recordaantal opgerichte bedrijven (sinds het begin van de meetmethode in 2007) van 2019 verbroken. Toen waren er ruim 207 duizend oprichtingen. Tegenover het hoogste aantal oprichtingen staat ook het hoogste aantal opheffingen. Voor lange tijd vonden de meeste opheffingen plaats in 2012 (ongeveer 127 duizend). Met ruim 140 duizend opheffingen zijn dit er voor het eerst sinds 2012 nu meer. Alle oprichtingen en opheffingen betroffen MKB-bedrijven. Dit meldt het CBS in de Staat van het MKB.

Grootste toename oprichtingen binnen detailhandel

In 2020 werden er fors meer detailhandelsbedrijven opgericht dan in 2019, ruim 7 duizend meer. Dit betrof met name webwinkels. Binnen de meeste bedrijfstakken werden juist minder bedrijven werden opgericht; in zowel de bouwnijverheid als de gezondheids- en welzijnszorg zelfs zo’n 1000 bedrijven minder. Ook bedrijfstakken waar het aantal oprichtingen veel lager ligt laten forse afnames zien. Zo werden er bijna de helft minder waterbedrijven en afvalbeheerbedrijven opgericht en ongeveer 29 procent minder bedrijven binnen de tak openbaar bestuur en overheidsdiensten.

Hoogste aantal opheffingen ooit in 2020

In 2020 werden ruim 140 duizend bedrijven opgeheven. Dit zijn ruim 25 duizend opheffingen meer dan in 2019 en bovendien het hoogste aantal opheffingen sinds het begin van de meetmethode in 2007. Bijna de helft van deze toename valt te wijten aan een stijging van het aantal opheffingen binnen de sector specialistische zakelijke diensten. Ook binnen de handelssector en de informatie- en communicatiesector nam het aantal opheffingen ten opzichte van 2019 toe. De meeste bedrijven werden opgeheven in de sector specialistische zakelijke diensten (24%) en de handelssector (16%).

Oprichtingen en opheffingen met name bedrijven met één werkzaam persoon

In 2020 betrof 92 procent van de oprichtingen een bedrijf met één werkzaam persoon. De overige oprichtingen waren bedrijven met 2 tot 10 werkzame personen. Ook de opheffingen betroffen met name bedrijven met 1 werkzaam persoon (bijna 89 procent). Ruim 10 procent betrof bedrijven met 2 tot 10 werkzame personen en minder dan 1 procent betrof bedrijven met 10 tot 250 werkzame personen.

Bekijk hier de cijfers over oprichtingen en opheffingen.

ICT-incidenten in het MKB, 2019

In 2019 kreeg 30 procent van de bedrijven met 2 tot 250 werkzame personen te maken met een ICT-veiligheidsincident. ICT-veiligheidsincidenten betreffen zowel onbedoelde incidenten als incidenten door een aanval van kwaadwillenden. Bij 7 procent van de bedrijven betroffen één of meerdere ICT-veiligheidsincidenten een aanval van buitenaf. Bovengenoemde percentages geven geen verandering weer ten opzichte van 2018. Dit meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek op basis van voorlopige cijfers op de Staat van het MKB.

Middenbedrijven (50 tot 250 werkzame personen) kregen in 2019 relatief gezien het vaakst te maken met ICT-veiligheidsincidenten. Wel lag het aandeel lager dan in 2018. Voor minder dan de helft van de middenbedrijven die te maken hadden met een ICT-incident waren hier kosten aan verbonden. Binnen het microbedrijf (2 tot 10 werkzame personen) vonden de minste ICT-veiligheidsincidenten plaats.

Bij 12 procent van de middenbedrijven is in 2019 een ICT-incident voorgevallen dat veroorzaakt werd door een aanval van buitenaf. Het aandeel van het microbedrijf lag hier een stuk lager: 6 procent van de microbedrijven (2 tot 10 werkzame personen) stuitte op een incident veroorzaakt door een aanval van buitenaf. Voor het kleinbedrijf (10 tot 50 werkzame personen) lag dit aandeel op negen procent.

Uitval ICT-dienst meest voorkomende ICT-incident

In 2019 was veruit het meest voorkomende ICT-veiligheidsincident de uitval van een ICT-dienst door bijvoorbeeld een storing in hardware of software. Dit kwam bij 27 procent van de MKB-bedrijven voor. Voor bijna één derde van MKB-bedrijven die hiermee te maken had, waren hier kosten aan verbonden.

De overige ICT-veiligheidsincidenten komen een stuk minder vaak voor. Een aanval van buitenaf leidde bij 5 procent van de MKB-bedrijven tot uitval van een ICT-dienst en in 2 procent van de gevallen tot vernietiging van data. Overige oorzaken zijn vernietiging van data door bijvoorbeeld een storing (4 procent) en onthulling van gegevens door een ICT-inbraak (2 procent) of een intern incident (2 procent).

Bekijk hier de cijfers over ICT-incidenten in het MKB.

Historisch laag aantal faillissementen in het MKB, vierde kwartaal 2020

Sinds 2011 waren er niet eerder zo weinig faillissementen als in het vierde kwartaal 2020. In totaal werden er 472 bedrijven in het MKB failliet verklaard, dat zijn 301 faillissementen minder dan in dezelfde periode vorig jaar (-40%). Het merendeel van de faillissementen betrof een bedrijf met één werkzaam persoon (252 faillissementen), gevolgd door bedrijven met twee tot tien werkzame personen (180 werkzame personen). Dit meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek op de Staat van het MKB.

Het aantal faillissementen in het vierde kwartaal was in de laatste 10 jaar niet eerder zo laag. In het vierde kwartaal van 2013 gingen de meeste MKB-bedrijven failliet, namelijk 1 803. In de jaren daarop daalde het aantal faillissementen gestaag tot 686 in het vierde kwartaal van 2017. Na een stijging in 2018 en 2019 zakt het aantal faillissementen in het vierde kwartaal 2020 tot het laagste aantal sinds 2011.

Meeste faillissementen in de handel

De meeste faillissementen (106) vielen in de handel. In dezelfde periode vorig jaar, het vierde kwartaal 2019, waren er in deze bedrijfstak bijna twee keer zoveel faillissementen, namelijk 210. Waar het aandeel in het totaal aantal faillissementen toen 27 procent was, is dit in het vierde kwartaal van 2020 nog 22 procent. Dit komt doordat het totaal aantal faillissementen minder hard daalde dan het aantal faillissementen in de handel. Van de faillissementen in de handel betrof bijna de helft een bedrijf in de groothandel en handelsbemiddeling (49 faillissementen). De andere helft betrof een bedrijf in de detailhandel (niet in auto’s; 48 faillissementen).

Ook in de bouwnijverheid vielen relatief veel faillissementen. In het vierde kwartaal van 2020 waren dat 100 bouwbedrijven, dat zijn 43 bouwbedrijven minder dan in het vierde kwartaal een jaar eerder.

Sterkste daling in handel en specialistische zakelijke diensten

In vergelijking met dezelfde periode vorig jaar, nam het aantal faillissementen het sterkste af in de handel. Ook in de specialistische zakelijke diensten nam het aantal faillissementen sterk af tot 60 faillissementen in het vierde kwartaal 2020, dat zijn er 47 minder dan een jaar eerder.

In geen enkele branche nam het aantal faillissementen toe.

Bedrijfsleeftijd en betrokken personen

Van de failliet verklaarde bedrijven in het vierde kwartaal van 2020 bestond meer dan 28 procent nog geen drie jaar. Dat waren 134 bedrijven. De gemiddelde leeftijd van het totaal aantal failliet verklaarde bedrijven was bijna 9 jaar.

Bij de 472 faillissementen in het vierde kwartaal 2020 waren 1741 werkzame personen betrokken. Dat is bijna 65 procent minder dan in dezelfde periode vorig jaar, toen waren er 4901 werkzame personen betrokken bij een faillissement.

Bekijk hier de cijfers over de bedrijfsleeftijdbedrijfstak en bedrijfsgrootte van de failliet verklaarde bedrijven in Nederland.

Wekelijkse faillissementen tot en met week 53 van 2020

In week 53 zijn 32 bedrijven en instellingen (incl. eenmanszaken) failliet verklaard, meldt het CBS. Dat zijn er evenveel als een week eerder, toen werden er ook 32 bedrijven failliet verklaard. Het grootste aantal faillissementen betrof een bedrijf of instelling (incl. eenmanszaken) met 1 werkzaam persoon.

Het CBS brengt tijdens de coronacrisis wekelijks de ontwikkeling van het aantal door rechtbanken uitgesproken faillissementen in beeld. Doorgaans zullen de cijfers op donderdag 12.00 uur gepubliceerd worden. De Staat van het MKB houdt u op de hoogte.

In de 53 weken van 2020 zijn 3212 bedrijven en instellingen (incl. eenmanszaken) failliet verklaard. Dat zijn er 573 minder dan in dezelfde periode van 2019, toen stond de teller op 3785.

Het hoogste aantal faillissementen bij bedrijven met 1 werkzaam persoon

In week 53 van 2020 betrof 53 procent van de faillissementen een bedrijf en instelling (incl. eenmanszaken) met 1 werkzaam persoon. In totaal waren dat 17 faillissementen. Daarnaast waren er 12 faillissementen in de bedrijfsgrootte 2 tot 10 werkzame personen en 1 in de bedrijfsgrootte 10 tot 50 werkzame personen.

Meeste faillissementen in detailhandel

De detailhandel had van alle onderscheiden branches de meeste faillissementen, namelijk 11. Dat zijn er 10 meer dan in week 52. Verder zijn in de groothandel 6 bedrijven failliet gegaan, 1 meer dan in de voorgaande week. In de bouwnijverheid zijn 4 bedrijven failliet gegaan, 3 meer dan in week 52.

Samenvatting week 52

Een week eerder, week 52 van 2020, werden er in totaal 32 faillissementen uitgesproken. Dat zijn 16 faillissementen minder dan een week eerder. Het merendeel (15 faillissementen) betrof een bedrijf en instelling (incl. eenmanszaak) met 1 werkzaam persoon. Verder werden er deze week nog 12 bedrijven en instellingen (incl. eenmanszaken) met 2 tot 10 werkzame personen en 4 met 10 tot 50 werkzame personen failliet verklaard.

In week 52 vonden de meeste faillissementen plaats in de groothandel (5 faillissementen).  

Tussen de aanvraag en het uitspreken van een faillissement kunnen enkele weken zitten. Vanaf week 14 houden de rechtbanken de rekesten (als een andere partij de rechter verzoekt om een bedrijf failliet te laten verklaren) voor ten minste vier weken aan, tenzij er sprake is van spoed. Daarnaast is door het kabinet een noodpakket voor economie en banen opgezet om bedrijven zoveel mogelijk te ondersteunen. De cijfers in dit artikel zijn voorlopig en worden wekelijks bijgesteld.

Bekijk hier de cijfers over wekelijkse faillissementen.

Investeren in ondernemers

‘Juist nu we een nieuwe lockdown zijn ingegaan, beleven veel ondernemers zeer barre tijden. Zij verdienen onze steun. We weten gelukkig ook dat bedrijven die tijdelijk stagneren, straks weer kunnen groeien. Daarom moeten we niet alleen de coronacrisis overleven van de coronacrisis, maar ons ook voorbereiden op de volgende fase van herstel en groei.’ Dat zegt Harold Goddijn in een toelichting op ‘Ondernemen is vooruitzien’, het Jaarbericht Staat van het mkb 2020 van het Nederlands Comité voor Ondernemerschap.

Veel bedrijven worden hard geraakt, andere beleven juist nu hoogtijdagen. Goddijn: ‘Alle ondernemers – krimpend of groeiend, startend of stoppend – staan voor grote keuzes over hun toekomst. De overheid moet hen daarbij zo goed mogelijk helpen.’

Volgens het Comité kan het ondernemersklimaat in Nederland worden verbeterd op het gebied van financiering van innovatie, arbeidsmobiliteit en ondernemerschap. Het Jaarbericht biedt daartoe handvatten. Het Comité werkt verder aan adviezen om de financiering en dienstverlening aan mkb-bedrijven te verbeteren.

Investeringen

Uit de laatste cijfers van het CBS blijkt dat de coronacrisis de investeringsplannen van het mkb heeft vertraagd: 21 procent van de bedrijven geeft aan dat de investeringen zullen afnemen, terwijl 15 procent verwacht meer te investeren.

De Staat van het mkb laat zien dat investeringen ook in de hoogconjunctuur al achterbleven. Twee derde van het mkb investeerde niet in product- of procesinnovatie, terwijl digitalisering en Leven Lang Ontwikkelen (LLO) zeker in het mkb nog te beperkt zijn doorgevoerd.

Juist met gerichte investeringen kunnen ondernemers hun kansen verbeteren, blijkt uit onderzoek van de Rotterdam School of Management (RSM). Van bedrijven die stilstaan of krimpen blijkt gemiddeld 65% in staat om weer te gaan groeien in productiviteit én banen. Om hun productiviteit te versterken kunnen ondernemers bijvoorbeeld investeren in innovatie en internationalisering.

Reacties

Het Jaarbericht Staat van het mkb 2020 is op 16 december overhandigd aan staatssecretaris Mona Keijzer, in aanwezigheid van Hare Majesteit Koningin Máxima. De bijeenkomst is terug te kijken via YouTube (https://youtu.be/_m1WFJyi6nM). Daar zijn ook de reacties te beluisteren van Mona Keijzer, Mariëtte Hamer (voorzitter van de Sociaal-Economische Raad), Jacco Vonhof (voorzitter MKB-Nederland) en Ronald Kleverlaan (voorzitter Stichting MKB-Financiering).

Het Nederlands Comité voor Ondernemerschap is ingesteld door het ministerie van EZK en zet zich in voor duurzame groei van het Nederlandse midden- en kleinbedrijf. Tot de taken behoren het monitoren van de ontwikkelingen in het midden- en kleinbedrijf en het doen van aanbevelingen. Eind juni verscheen een tussenbericht naar aanleiding van de coronacrisis, in augustus een advies over een herstel- en groeiplan voor het mkb. Het Comité staat onder voorzitterschap van Harold Goddijn en bestaat verder uit Hare Majesteit Koningin Máxima, Barbara Baarsma, Diederik Laman Trip, Meiny Prins en Occo Roelofsen.

Presentatie Jaarbericht 2020

Ondernemen is vooruitzien: online presentatie van Jaarbericht Staat van het mkb 2020. 

Op 16 december presenteert het Nederlands Comité voor Ondernemerschap de Staat van het MKB 2020. Het jaarbericht wordt in aanwezigheid van Hare Majesteit Koningin Máxima aangeboden aan staatssecretaris Mona Keijzer van Economische Zaken en Klimaat. Tijdens de bijeenkomst zal een reactie worden gevraagd aan Mariëtte Hamer (voorzitter van de Sociaal-Economische Raad), Jacco Vonhof (voorzitter MKB-Nederland) en Ronald Kleverlaan (voorzitter Stichting MKB-financiering).

Elk najaar publiceert het Nederlands Comité voor Ondernemerschap het jaarbericht over de Staat van het mkb. Dit Jaarbericht is anders dan anders. Net als in voorgaande jaren worden de ontwikkelingen in het midden- en kleinbedrijf geschetst, maar de ‘staat van het mkb’ wordt nu voor een belangrijk deel bepaald door de coronacrisis. Het mkb is als motor van de Nederlandse economie hard geraakt. Maar de coronacrisis biedt ook de kans om de problemen aan te pakken die er al eerder waren. In het rapport ‘Ondernemen is vooruitzien’ doet het Comité aanbevelingen over investeringen in innovatie, arbeidsmobiliteit en ondernemerschap.

 

Webinar Jaarbericht Staat van het mkb 2020 – Ondernemen is vooruitzien

16 december 2020

14.15 – 15.00 uur

U bent van harte uitgenodigd om dit webinar bij te wonen via: https://youtu.be/_m1WFJyi6nM

Economisch beeld MKB is begin vierde kwartaal 2020 verbeterd

In vergelijking met het derde kwartaal van 2020 ziet het economisch beeld van het MKB aan het begin van het vierde kwartaal er iets positiever uit. Begin derde kwartaal lieten nog 4 indicatoren een verbetering zien ten opzichte van het voorgaande kwartaal. Aan het begin van het huidige kwartaal steeg dit aantal naar 7. Dit kwam doordat de omzet, faillissementen en aankopen van duurzame goederen in het derde kwartaal verbeterden. Dit geldt ook voor de verwachte ontwikkeling van- en het aantal vacatures. Dat blijkt uit de MKB-conjunctuurklok.

Drie stemmingsindicatoren verslechterd

Begin vierde kwartaal van dit jaar verslechterden drie van de zes MKB-stemmingsindicatoren. Het financiële vertrouwen nam het sterkst af, gevolgd door de verwachtingen over de economische activiteiten. In mindere mate nam ook de verwachting over consumptie ontwikkeling af. Bij de overige drie stemmingsindicatoren verbeterde de stemming in vergelijking met het vorige kwartaal. De stemming over de export ontwikkeling, het ondernemersvertrouwen en verwachte ontwikkeling van het aantal vacatures, sloeg positief om.

Reële indicatoren verbeterd

De reële indicatoren geven de stand aan op basis van het afgelopen kwartaal. In vergelijking met vorige kwartaal zijn vier van de zes reële conjunctuurindicatoren (cijfers over het derde kwartaal) aan het begin van het vierde kwartaal verbeterd. De indicator over binnenlandse consumptie van duurzame goederen ontwikkelde het sterkst in positieve richting. Daarnaast verbeterden de omzet, de faillissementen en het aantal vacatures in het derde kwartaal. De indicatoren over het volume van de binnenlandse consumptie en het BBP ontwikkelden zich in deze periode in negatieve richting.

Bekijk het Conjunctuurdashboard

MKB-conjunctuurklok toegelicht

De conjunctuurklok is verdeeld in vier kwadranten. In de bovenste twee kwadranten staan de indicatoren hoger dan hun trendniveau. In de onderste twee kwadranten staan de indicatoren onder hun trendniveau. De twee kwadranten aan de rechterkant geven een verbetering ten opzichte van het voorgaande kwartaal aan. De twee kwadranten aan de linkerkant een verslechtering. Het meest positieve kwadrant (rechtsboven) wordt aangegeven met een zonnetje en het meest negatieve kwadrant (linksonder) met een regenbui. De tussenliggende kwadranten worden aangegeven met een wolk voor de zon.

De MKB-conjunctuurklok is door het CBS ontwikkeld in het kader van het programma De Staat van het MKB in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken en het Nederlands Comité voor Ondernemerschap. Begin mei 2017 werd de MKB-conjunctuurklok voor het eerst gepubliceerd. De update voor het eerste kwartaal van 2021 wordt begin maart 2021 verwacht.

10 procent meer vacatures in MKB

Aan het einde van het derde kwartaal 2020 stonden er ruim 113 duizend vacatures open in het midden- en kleinbedrijf (MKB). Dat was op dat moment iets meer dan de helft van het totaal aantal vacatures in Nederland. Het aantal openstaande vacatures nam met 10 procent toe in vergelijking met een kwartaal eerder, toen stonden er ruim 103 duizend vacatures open in het MKB. Dit meldt het CBS in De Staat van het MKB.

Zowel in het middenbedrijf (50 tot 250 werkzame personen) als in het kleinbedrijf (minder dan 50 werkzame personen) nam het aantal openstaande vacatures ten opzichte van het tweede kwartaal 2020 toe. In het middenbedrijf steeg het aantal vacatures het sterkst met ruim 12 procent. In het kleinbedrijf nam het aantal vacatures toe met ruim 9 procent tot 75 duizend vacatures. Hiermee kwam het totaal aantal openstaande vacatures in het MKB aan het einde van het derde kwartaal uit op 113 duizend, 10 procent meer dan in het tweede kwartaal van vorig jaar (103 duizend). Daarmee heeft het aantal openstaande vacatures in het MKB zich weer hersteld na de dip in het tweede kwartaal. (108,5 duizend vacatures).

Grootste toename in aantal openstaande vacatures cultuur, recreatie en overige diensten

De toename van het aantal vacatures in het derde kwartaal van 2020 is zichtbaar in alle bedrijfstakken. In cultuur, recreatie en overige diensten, de bedrijfstak met de minste MKB-vacatures, nam het aantal vacatures procentueel het sterkst toe. In vergelijking met het tweede kwartaal 2020 nam het aantal openstaande vacatures in deze bedrijfstak met bijna 26 procent toe tot ruim 4 duizend openstaande vacatures. Ook in de bedrijfstak handel nam het aantal openstaande vacatures met ruim 14 procent sterk toe. In gezondheids-en welzijnszorg nam het aantal openstaande vacatures het minste toe. In deze bedrijfstak steeg het aantal openstaande vacatures met bijna 7 procent tot ruim 11 duizend openstaande vacatures. Hiermee laten de meeste bedrijfstakken in het derde kwartaal een herstel zien na de afname van het aantal vacatures in het tweede kwartaal 2020. Enkel in de gezondheids-en welzijnszorg nam het aantal openstaande vacatures in beide kwartalen toe.

Bekijk de nieuwste cijfers over vacatures in het MKB