Investeringen in mkb groeien in 2020

In 2020 investeerde het totale bedrijfsleven* ruim 62,7 miljard euro in materiële vaste activa. Dat is 4 procent minder dan een jaar eerder. De daling valt toe te schrijven aan het grootbedrijf, dat ruim 13 procent minder investeerde. Het midden- en kleinbedrijf (mkb) investeerde juist meer dan in 2019 en was met 35,6 miljard euro goed voor meer dan de helft van de investeringen in 2020. Dit meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek  op de Staat van het mkb.

De investeringen van het mkb namen met 4 procent toe ten opzichte van 2019, toen werd er 34,2 miljard euro geïnvesteerd. Dit was het vierde jaar op rij waarin de mkb-investeringen toenamen. Het grootbedrijf kampte voor het eerst sinds 2016 met dalende investeringen. In 2019 investeerde het grootbedrijf nog bijna een kwart meer dan een jaar eerder.

Mkb investeert het meest in bedrijfsgebouwen

Het mkb investeerde in 2020 vooral meer in bedrijfsgebouwen. Deze investeringen namen met 1,8 miljard toe (+15 procent) en maakten in 2020 bijna 40 procent van de totale mkb-investeringen uit. Ook in machines en installaties en computers en randapparatuur investeerde het mkb meer dan in 2019. De investeringen in vervoermiddelen daalden daarentegen flink en maakten in 2020 ongeveer 20 procent uit van de totale mkb-investeringen. Een jaar eerder was dit nog ruim een kwart.

Mkb investeert meer dan grootbedrijf
In 2020 was het mkb goed voor 57 procent van de totale investeringen in materiële activa. Dit is meer dan een jaar eerder, toen lag dit percentage nog op 52 procent. In 2013 investeerde het grootbedrijf voor het laatst meer dan het mkb.

In bijna alle investeringsgroepen werd in 2020 meer geïnvesteerd door het mkb dan het grootbedrijf. Met name in bedrijfsgebouwen investeerde het mkb fors meer, namelijk 8,8 miljard euro meer dan in het grootbedrijf. Hiermee deed het mkb bijna driekwart van de totale investeringen in bedrijfsgebouwen. Voor grond-, water- en wegenbouwkundige werken waren de investeringen van het grootbedrijf juist hoger en lagen met 5,3 miljard euro bijna 7 keer hoger dan de mkb-investeringen. Een kwart van de totale investeringen van het grootbedrijf waren in computers en randapparatuur, dit was met 6,8 miljard euro de grootste investering van het grootbedrijf. Het mkb investeerde met 7,2 miljard euro wel meer.

Het kleinbedrijf was goed voor 48 procent van de totale mkb investeringen

In 2020 werd 52 procent van de mkb-investeringen gedaan door het middenbedrijf (50 tot 250 werkzame personen), voor het kleinbedrijf (0 tot 50 werkzame personen) was dit 48 procent. Het middenbedrijf investeerde het meest in bedrijfsgebouwen, gevolgd door vervoermiddelen. Het kleinbedrijf deed vooral investeringen in bedrijfsgebouwen en computers en randapparatuur.

Bekijk de cijfers over investeringen op MKB-StatLine

*(excl. financiële instellingen, agrarische sector, onderwijs, zorg, cultuur, sport en recreatie.)

Recordaantal openstaande mkb-vacatures in eerste kwartaal 2022

Aan het einde van het eerste kwartaal 2022 stond er een recordaantal van 249 duizend vacatures open in het midden- en kleinbedrijf (mkb). Tijdens het begin van de coronapandemie nam het aantal openstaande vacatures af, maar sinds het tweede kwartaal van 2021 werden recordhoogtes bereikt. Eerder piekte het aantal openstaande vacatures in het eerste kwartaal nog op 157 duizend in 2019. Dit meldt het Centraal Bureau voor de Statistiek op de Staat van het mkb.

Het aantal openstaande vacatures steeg begin 2022 harder binnen het mkb dan het grootbedrijf; het aantal mkb-vacatures nam met 82 procent toe en voor het grootbedrijf was de stijging 78 procent ten opzichte een jaar eerder. In het eerste kwartaal van 2021 nam het aantal mkb-vacatures ook al flink toe, terwijl dit aantal binnen het grootbedrijf juist daalde ten opzichte van een jaar eerder. Begin 2020 zat Nederland in de eerste lockdown vanwege de coronapandemie en nam met name het aantal mkb-vacatures fors af.

In het kleinbedrijf (10 tot 50 werkzame personen) namen de openstaande vacatures relatief het meeste toe ten opzichte van het eerste kwartaal 2021 en verdubbelde bijna tot ruim 91 duizend vacatures. Ook in het microbedrijf (0 tot 10 werkzame personen) en middenbedrijf  (50 tot 250 werkzame personen) was de stijging fors met respectievelijk ruim 67 en 81 procent.

Ruime verdubbeling mkb-vacatures in handel, vervoer en horeca

In alle bedrijfstakken binnen het mkb groeide het aantal openstaande vacatures ten opzichte van hetzelfde kwartaal in 2021 en 2020. Daarmee zijn het aantal openstaande vacatures nu in alle sectoren ruim boven de aantallen van het eerste kwartaal van 2019, voor de coronamaatregelen. Binnen de handel, vervoer en horeca was de toename het grootst en nam het aantal vacatures ten opzichte van het eerste kwartaal 2021 met 51 duizend vacatures ruim 125 procent toe. Ten opzichte van het eerste kwartaal 2019 gaat dit met bijna 38 duizend vacatures om een toename van ruim 73 procent.

090

Vacaturegroei in gezondheids- en welzijnszorg relatief groter in mkb

In de meeste bedrijfstakken was de relatieve groei van het aantal openstaande vacatures ten opzichte van het eerste kwartaal 2021 kleiner in het mkb dan in het grootbedrijf. In de gezondheids- en welzijnszorg was de toename van het aantal openstaande mkb-vacatures juist groter, bijna 70 procent tegenover ruim 50 procent voor het grootbedrijf. In absolute aantallen was de groei wel hoger in het grootbedrijf; daar steeg het aantal vacatures met bijna 15 duizend, terwijl de toename binnen het mkb bijna 8 duizend was.

Bekijk hier de cijfers over de vacatures in het mkb.

Aantal startende ondernemers met migratieachtergrond neemt toe

In 2020 nam het aantal startende ondernemers in Nederland iets toe ten opzichte van een jaar eerder en kwam uit op ruim 199 duizend. Hiervan had ruim 36 procent een migratieachtergrond.  Dit aandeel steeg over de jaren, in 2010 had nog geen kwart een migratieachtergrond. Het merendeel van de starters met een migratieachtergrond in 2020 was Niet-westers. Dit meldt het CBS op de Staat van het mkb.

In 2020 lag het totale aantal startende ondernemers in Nederland bijna 20 procent hoger dan in 2010. Deze stijging valt vooral toe te schrijven aan starters met een migratieachtergrond, dit aantal steeg van bijna 41 duizend tot ruim 72 duizend in 2020. Dat komt met name doordat het aantal ondernemers met een Niet-westerse achtergrond dat een onderneming startte in Nederland meer dan verdubbelde. Vooral het aantal starters met een Marokkaanse en Turkse achtergrond steeg flink. Ook zijn er ruim 41 procent meer starters met een Westerse migratieachtergrond dan in 2010. Een soortgelijke groei van het aantal starters met een Nederlandse achtergrond bleef uit, maar dit aantal lag met ruim 126 duizend in 2020 wel een stuk hoger.

Meeste starters met migratieachtergrond Europees

In 2020 was het hoogste aantal startende ondernemers in Nederland met een migratieachtergrond afkomstig uit Europa, ruim 44 procent. Dit percentage is licht gedaald ten opzichte van 2010, toen was bijna 47 procent van de starters met migratieachtergrond Europees. De startende ondernemer met een Europese migratieachtergrond kwam in 2020 het vaakst uit Turkije, gevolgd door de Polen en Duitsland. Samen waren deze drie landen goed voor bijna de helft van de startende ondernemers met een Europese migratieachtergrond.

Na Europa waren starters met een migratieachtergrond het vaakst afkomstig uit Azië, namelijk bijna 20 procent. In 2010 was dit nog ongeveer een kwart. Hoewel het aantal starters met een Aziatische achtergrond wel degelijk toenam over de jaren, nam met name het aantal starters uit overige werelddelen harder toe. Hierdoor nam het Aziatische aandeel in het totale aantal starters met een migratieachtergrond af. In zowel 2020 als 2010 was Indonesië het grootste Aziatische land van herkomst.

Veel Marokkaanse starters in Nederland

Ruim 18 procent van de startende ondernemers met een migratieachtergrond was in 2020 Amerikaans. Dit percentage is over de jaren nagenoeg gelijk gebleven. In 2020 was bijna de helft hiervan afkomstig uit Suriname. Het aantal starters met een Afrikaanse achtergrond verdrievoudigde bijna ten opzichte van 2010, waardoor zij bijna 17 procent van alle starters met een migratieachtergrond uitmaakten. Hiervan was met bijna 8000 starters de meerderheid afkomstig uit Marokko.

Bekijk hier cijfers over startende ondernemers naar migratieachtergrond

CPB Discussion Paper: Hoe ver kunnen gazelles lopen?

Het CPB heeft de groeipatronen van reguliere bedrijven, snelle groeiers en startups in kaart gebracht in de Discussion Paper ‘How far do gazelles run? Growth Patterns of Regular Firms, High Growth Firms and Startups’. In dit nieuwsbericht zijn de hoofdlijnen van deze Discussion Paper terug te vinden, zoals door het CPB samengevat.

Snel groeiende bedrijven en startups krijgen veel aandacht van beleidsmakers. Veel landen proberen de komst van dit soort bedrijven te stimuleren om zodoende economische groei te bevorderen. Een empirisch onderzoek uitvoeren naar dit soort bedrijven is echter moeilijk, omdat startups slecht te onderscheiden zijn van andere bedrijven. Recentelijk is er een nieuwe databron beschikbaar om startups te bestuderen: private databases over innovatieve bedrijven. Wel is onduidelijk wat voor type bedrijven erin zitten in verhouding tot de ‘gewone’ bedrijfspopulatie.

In de studie wordt onderzocht of een database voor startupinvesteerders gebruikt kan worden om snel groeiende bedrijven te ontdekken en de robuustheid van hun groei te bestuderen. Om dat te doen is Nederlandse microdata op bedrijfsniveau gecombineerd met de startupdatabase.

De studie kent twee belangrijke uitkomsten: Hoewel de meeste snelle groeiers nooit in de investeerdersdatabase terechtkomen, hebben bedrijven in de database een grotere kans om een snelle groeier te zijn. Ten tweede, in tegenstelling tot ‘gewone’ Nederlandse bedrijven en bevindingen uit de literatuur, tonen startups een verrassend aanhoudend groeipatroon: zij blijven langer doorgroeien.

De studie concludeert dat een commerciële startupdatabase als aanvullende bron gebruikt kan worden. Wel moet men voorzichtig zijn met de interpretatie van resultaten, omdat niet duidelijk is hoe en wanneer bedrijven in de database terechtkomen.

Lees hier de CPB Discussion Paper 

Economisch beeld mkb boven trend

Aan het begin van het derde kwartaal 2021 presenteerden het merendeel van de indicatoren van de mkb-conjunctuurklok boven hun langjarige trend. Hierdoor was er voor het eerst sinds de coronacrisis sprake van hoogconjunctuur binnen het mkb. Alle twaalf de indicatoren lieten een verbetering zien. Een kwartaal eerder bevonden negen van de twaalf indicatoren zich nog onder hun langjarige trend. Dit meldt het CBS op de Staat van het mkb op basis van de nieuwste stand van de mkb-conjunctuurklok. 

 

 

De mkb-conjunctuurklok toont de stand en het verloop van de conjunctuur voor het mkb. De twaalf conjunctuurindicatoren van het midden- en kleinbedrijf (mkb) kunnen worden onderverdeeld in zes stemmingsindicatoren (gemeten bij de mkb-ondernemers) en zes reële economische indicatoren. Stemmingsindicatoren zijn bijvoorbeeld het financieel vertrouwen en het ondernemersvertrouwen. Reële economische indicatoren zijn onder andere het bbp, de omzet en de vacatures.

Stemmingsindicatoren verbeterd

Alle zes de stemmingsindicatoren namen toe ten opzichte van het tweede kwartaal van 2021. Toen ontwikkelden de meeste stemmingsindicatoren zich ook al positief en daalde enkel de stemming over de economische ontwikkeling. De stemming over de consumptie lag aan het begin van het derde kwartaal 2021 ondanks de positieve ontwikkeling nog wel onder de trend.

Ook reële indicatoren namen toe

Ook de zes reële indicatoren namen in het derde kwartaal 2021 zonder uitzondering toe ten opzichte van het voorgaand kwartaal. De indicator gericht op consumptie van duurzame goederen liet toen nog een negatieve ontwikkeling zien, evenals het volume van de binnenlandse consumptie. Laatstgenoemde bevond zich aan het begin van het derde kwartaal als de enige indicator onder de trend. In het tweede kwartaal van 2021 gold dit nog voor vijf van de zes indicatoren en lag enkel het aantal faillissementen boven de trend.

mkb-conjunctuurklok toegelicht

De conjunctuurklok is verdeeld in vier kwadranten. In de bovenste twee kwadranten staan de indicatoren hoger dan hun trendniveau. In de onderste twee kwadranten staan de indicatoren onder hun trendniveau. De twee kwadranten aan de rechterkant geven een verbetering ten opzichte van het voorgaande kwartaal aan. De twee kwadranten aan de linkerkant een verslechtering. Het meest positieve kwadrant (rechtsboven) wordt aangegeven met een zonnetje en het meest negatieve kwadrant (linksonder) met een regenbui. De tussenliggende kwadranten worden aangegeven met een wolk voor de zon.

De mkb-conjunctuurklok is door het CBS ontwikkeld in het kader van het programma De Staat van het mkb in opdracht van het Ministerie van Economische Zaken en het Nederlands Comité voor Ondernemerschap. Begin mei 2017 werd de mkb-conjunctuurklok voor het eerst gepubliceerd. De update voor het vierde kwartaal van 2021 wordt begin december 2021 verwacht.

Bronnen:

Staat van het MKB – Conjunctuurdashboard